28 november 2009

Oversteek naar de Kaap Verden

Zo, we zijn gistermorgen aangekomen op het eiland Sal, onderdeel van de Kaap Verden. Sal is het meest noordoostelijke eiland van de Kaap Verden. Het is vlak, 30 km lang en 12 km breed, met veel strand en het toerisme richt zich voornamelijk op de watersport. Precies goed voor ons, want we zijn wel toe aan een weekje niet varen, zwemmen en strandleven. De tocht hier naar toe heeft precies drie etmalen geduurd en is eigenlijk heel voorspoedig gegaan. De eerste dag na het vertrek uit Banjal hebben we eerst heel weinig wind en daarna lichte wind tegen, dus dat stuk doen we op de motor. De zee is dan nog heel rustig. De vislijn hangt uit en vlak voor het avondeten vangen we een prachtige vis, 30-40 cm lang, met heerlijk wit vlees. Die gaat samen met wat aardappelen en wortels de oven in en dan hebben we een heerlijk avondmaal.


Eenmaal voorbij de landpunt van Dakar (in de loop van de 1e avond) komt de wind uit het noorden en dan is het goed bezeilbaar. Wel redelijk hoog, windkracht 4-5, met een korte golfslag waardoor het leven aan boord behoorlijk hobbelig is. Het heeft gelukkig geen invloed op onze wachten en het slapen, want slapen doen we deze tocht alle vier prima. De tweede dag doen we niet veel meer dan liggen, slapen, muziek luisteren en weinig eten. De meiden zijn een beetje zeeziek en hebben pas tegen de avond zin in eten. Toine en ik voelen ons goed, niet zeeziek, maar hebben ook niet veel zin in eten. De tweede nacht draait de wind af en toe naar het noordwesten waardoor we maximaal hoog moeten varen. Dat lukt gelukkig net. Lang duurt dat niet, want in de ochtend van de 3e dag gaat de wind steeds ruimer staan en neemt 'ie af naar kracht 3-4. Ook de zee wordt in de loop van dag rustiger met een langere deining. Daarom gaat het aan boord weer een stuk beter. De meiden zijn in opperbeste stemming en zijn al volop met hun sinterklaasgedicht en -suprise bezig. School hebben we maar even laten zitten, dat halen we straks wel weer in. Eten is ook weer een stuk lekkerder en zo komen we de dag goed door. De laatste nacht is erg rustig, met weinig wind en een rustige zee. Lange tijd schijnt de maan en zien we weer wat sterren (de vorige twee nachten waren helemaal donker omdat het bewolkt was).

We varen de hele tocht zonder moeite op zichtafstand van de Barbarossa en hebben regelmatig contact over de marifoon. Zo hebben Ellen en ik tijdens onze ochtendwacht (6-9 uur) inmiddels standaard ons 'ochtendpraatje' terwijl de rest nog slaapt en dat is heel gezellig. De 4e ochtend krijgen we al snel land in zicht. Vlak voor het middaguur laten we ons anker vallen in een grote baai met turqoise zeer helder water en een wit zandstrand met een lekkere branding. We nemen meteen een duik in het water en dat is heerlijk verkoelend. 's Middags verkennen we het dorpje en kopen brood, eieren, groenten en vlees zodat we 's avonds en vanmorgen goed en lekker op de boot kunnen eten. We kruipen vroeg in bed en hebben een prima lange nacht zonder varen en wachtlopen. Met een stillliggende boot, alhoewel dat niet echt het geval is want er staat een behoorlijke deining in deze baai. Een tweede anker zorgt ervoor dat we loodrecht op de deining liggen en dan is het gelukkig goed te doen.