13 oktober 2009

Oversteek naar Madeira

 We vertrekken zaterdagochtend 8.30 uur vanuit Vila Real de San Antonio voor de oversteek naar Madeira van zo’n 505 zeemijl (1 zeemijl = 1,8 km). We denken daar zo’n 4 á 4,5 etmalen over te gaan doen; de langste oversteek tot nu toe. Uitgezwaaid door de Barbarossa, en de ouders van Ellen vanuit hun appartement, varen we bij kentering van het tij de rivier af en zitten we weldra weer op zee. Van de Valentijn hebben we een dag eerder al afscheid genomen; zij blijven nog twee weken langer in Portugal. Dat we elkaar weer zien is zeker, want we hebben de laatste avond heel spontaan met de volwassenen lootjes getrokken voor Sinterklaas, dat we samen op de Kaap Verden zullen gaan vieren. Dan zien we de Valentijn ook pas weer voor het eerst. De Barbarossa zien we eerder, waarschijnlijk al op Madeira, en zeker op La Gomera van waaruit we samen begin november de reis naar Gambia gaan ondernemen. Dat we Gambia gaan aandoen is onlangs besloten. Het ligt toch op de route en als we de tijd op de Canarische Eilanden beperken tot enkele dagen op La Gomera past het goed in het schema. Zaken als malaria preventiepillen en horretjes voor de ramen van de boot hebben we de afgelopen week in Vila Real de San Antonio goed kunnen regelen.


Goed, terug naar een nieuw avontuur ... de oversteek naar Madeira. In de ochtend staat er een lekker windje (kracht 5, afnemend naar 4, 3, en rond het middaguur 2), waardoor we de ochtend goed kunnen zeilen. Rond het middaguur gaat de motor aan, er is dan geen wind meer, en vlak daarna gaat de wind (zeewind door het landeffect) pal tegen staan. Zo varen we de eerste dag nog in de beschutting van het land met zeer weinig zeegang. Het is goed vertoeven op de boot. Lekker zonnen en ik kan uitgebreid koken (recept van Inge, aardappels met knoflook en rozemarijn in de oven), lekker smullen hoor!

Als we rond 22.00 uur ver genoeg van het land verwijderd zijn krijgen we zoals verwacht bezeilbare wind. De eerste nacht nog uit het noordwesten, dus halve wind (want wij varen pal zuidwest), de dagen daarna stabiel uit het noorden met ruime wind. Dat betekent bij ons een wind die de boot schuin van achter binnenkomt. De Brandaan loopt dan perfect op de zogenaamde vistrawler stand; grootzeil op bakboord (links), genua op stuurboord (rechts, bak), op de boom. De boom fixeren we met een aparte lijn zodat de wacht de genua in kan draaien zonder met de boom te gaan vechten. Deze stand is zeer stabiel en de Brandaan loopt hier tussen de 6 en 7 knopen, echt perfect. De motor gaat vanaf dan tot de laatste ochtend ook niet meer aan, alleen af en toe een uurtje om stroom te draaien. De eerste nacht is zwaar, de wind staat fors door (een dikke 5) en er staat een flinke zeegang. Dat laatste zorgt voor een oncomfortabel gevoel aan boord (boot wordt regelmatig flink heen en weer geschud) waardoor Toine en ik nauwelijks kunnen slapen. De meiden hebben gelukkig nergens last van en slapen het klokje rond. Die eerste avond steken we ook de shipping lane rond Cabo San Vincente over. Een druk stukje met grote schepen die van Europa naar Afrika/Middellandse Zee varen en vice versa. Lang leve de AIS! Daardoor zien we op onze computer alle grote schepen (met vaarrichting, - snelheid en bestemming) waardoor we er goed tussendoor kunnen navigeren.

De volgende ochtend wordt de wind geleidelijk minder (kracht 3-4) en ruimer (vanuit het noorden). De zeegang wordt in de loop van de dag gelukkig ook minder en dan is het opeens veel aangenamer aan boord. De eerste 24 uur tikken we 145 mijl weg. Toine en ik proberen het slapen overdag wat in te halen, maar echt fit voelen we ons nog niet en veel zin in eten hebben we ook niet. De meiden daarentegen wel, maar liggen ook veel op de bank te luisteren naar luisterboeken op hun I-Pods of een film te kijken. De tweede nacht gaat het slapen bij ons een stuk beter. We krijgen dan al een aardig ritme te pakken van 3 uur slapen afgewisseld met 3 uur wacht. Boven ons staat een prachtige heldere sterrenhemel, met enorm veel sterren en een klein maantje dat nog behoorlijk wat licht geeft. De zon gaat 19.15 uur onder en komt 7.30 uur weer op. Bijzonder om zowel de zonsondergang als –opgang te zien. Er is geen enkele boot om ons heen en dat geeft ons een apart ‘alleen op de wereld’-gevoel, maar ook een heel ‘zeker en goed’ gevoel, zo samen met z’n vieren op deze veilige stoere boot.

Midden in de nacht van de 2e nacht zijn we halverwege (252 mijlen zitten erop). Tijdens mijn wacht (tussen 1.00 en 4.00 uur) maak ik stomme fout; ik druk op een verkeerd knopje op de computer als reactie op een AIS-alarm waardoor de boot opeens 180 graden de andere kant op gaat sturen en we in een gijp terecht komen terwijl het groot zeil vast staat op de bulletalie. Geen fijne situatie en even een complete verwarring bij mij, “waar zitten al die knopjes en hoe krijg ik die computersturing uitgeschakeld?” Toine erbij geroepen, en toen was gelukkig alles snel weer opgelost zonder schade. Toine heeft alleen niet veel meer kunnen slapen door de adrenalinestoot die het hem had gegeven. Het tweede etmaal tikken we 151 mijl weg.

De derde dag komt iedereen nog meer in een ritme met een beter gevoel. Eten hebben we allemaal weer zin in en ’s middags kijken we samen naar Indiana Jones 3. School voor de meiden laten we nog maar even zitten. Ze lopen toch voor op de rest. De boot maakt z’n mijlen wel en we laten steeds vaker het navigeren zo’n 15 minuten onbemand. Er is toch helemaal niets om ons heen te zien. Af en toe even rondkijken en dan gewoon ieder ons ding weer doen. Zo gaat ook de derde nacht heel makkelijk en snel voorbij. Beetje luisteren naar muziek op de Ipod, wat doezelen met het eierwekkertje op 10 minuten en de wacht is alweer voorbij. Het derde etmaal tikken we 159 mijlen weg en dan is er op de vierde dag nog maar 50 mijl te gaan; die varen we op de motor, want de wind is nagenoeg weggevallen. Rond 15.00 uur zien we opeens het eiland Porto Santo, het 1e eiland van de Madeira archipel die we de komende twee dagen aandoen voordat we as zaterdag Mam, Inge en Luc bij het hoofdeiland van het vliegveld gaan halen. Om 18.00 uur laten we het anker vallen in de prachtige baai voor een mooi zandstrand. En dan zit de tocht erop. We hebben er in totaal 81 uur over gedaan, waarvan 18 motoruren en 63 zeiluren. Een prima generale repetitie voor de langere oversteken die nog gaan komen. We zijn toch stiekem best wel trots op onze prachtige boot en onszelf hoe we deze overtocht weer gedaan hebben. Bij aankomst duiken we met z’n vieren het water in; voor het eerst is het zeewater echt lekker warm! Een prachtige finale van een mooie overtocht!